In COMA; Peugeot 207SW 1.4 VTi (8FS) – deel 1 van 2

We krijgen een Peugeot 207SW met een 1.4 VTi motor (8FS) van bouwjaar 2009 binnen. De Peugeot is afgeslagen onder het rijden en geeft een storing op de inlaatnokkenassensor. Onze opdrachtgever geeft aan dat hij het storingsgeheugen niet kan wissen.

Foutgeheugen motorregeleenheid

In het foutgeheugen staan de volgende meldingen opgeslagen:

  • P0343 Nokkenas positiesensor signaal te groot
  • P0342 Nokkenas positiesensor signaal te klein
  • P0341 Nokkenas positiesensor buiten instelbereik
  • P0367 Nokkenas positiesensor B (bank 1) signaal te laag

Meting signalen

We beginnen met het meten van de signalen van de inlaat-, uitlaat- en krukassensor. Deze staan weergegeven in afbeelding 1.

afbeelding 1; rood = krukassignaal, geel = inlaatnokkenassignaal, groen = uitlaatnokkenassignaal en blauw is aansturing bobine.

Uit afbeelding 1 volgt dat de inlaatnokkenassensor geen signaal afgeeft. We controleren voeding en massa van de sensor. Die is in orde. Het nokkenassignaal hebben we gemeten op de connector van de sensor. Op basis van de aanwezigheid van voeding en massa en het ontbreken van het signaal op de connector van de sensor stellen we vast dat de nokkenassensor defect is.

Vervangen nokkenassensor

Na het vervangen van de nokkenassensor voeren we de meting nog een keer uit. Deze staat weergegeven in afbeelding 2.

afbeelding 2; rood = krukassignaal, geel = inlaatnokkenassignaal, groen = uitlaatnokkenassignaal en blauw is aansturing bobine. Bij deze meting is de inlaatnokkenassensor vervangen.

In afbeelding 2 zien we als gevolg van het vervangen van de inlaatnokkenassensor weer een signaal vanaf deze sensor. Daarnaast valt op dat de motorregeleenheid de bobine niet aanstuurt (blauw). De motor slaat dus ook niet aan.

Distributietiming

Omdat een mogelijke reden voor het ontbreken van de aansturing van de bobine een verkeerde distributietiming kan zijn hebben we de meting in afbeelding 2 vergeleken met de timing van een 8FS motor waarvan we zeker weten dat deze op tijd staat. In afbeelding 3 staat een uitvergroting van afbeelding 2 rond het gebied van het markeringspunt van de krukas.

Afbeelding 3; uitvergroting afbeelding 2 rond het gebied van het markeringspunt van de krukas.

Uit afbeelding 3 volgt dat de neergaande flank van de smalle puls in het inlaatnokkenasssignaal (geel) zich net voor het markingspunt van de krukas (rood) bevindt (tweede zwarte verticale lijn in afbeelding 3). Ook volgt dat de neergaande flank van de smalle puls van het uitlaatnokkenassignaal (groen) zich 17 krukastanden, circa 102 krukasgraden, voor het markeringspunt van de krukas (rood) bevindt (eerste zwarte verticale lijn in afbeelding 3). Beide posities, geel en groen ten opzichte van rood, komen overeen met de referentiemeting van eenzelfde 8FS motor waarvan de timing juist afgesteld staat.

De distributietiming is in orde en is dus geen reden voor de motorregeleenheid om de aansturing van de bobine te staken.

TIP

Mocht je met behulp van een oscilloscoop de distributietiming van een motor willen vergelijken met de distributietiming van eenzelfde motor op voorgenoemde wijze, zorg dan altijd dat de magneetkleppen voor de verstelling van de nokkenassen elektronisch afgekoppeld zijn om te voorkomen dat er verstelling plaats heeft.

Opmerkelijk

Wat opmerkelijk is tijdens deze diagnose is dat de meldingen in het foutgeheugen niet wisbaar zijn. Het lijkt alsof de motorregeleenheid “bevroren” is. Als we bewust nieuwe foutmeldingen introduceren, zoals bijvoorbeeld het losnemen van de stekkers van de nokkenasverstellers, zijn deze niet wisbaar ook al herstellen we de bewust aangebrachte manipulatie.

In lijn met die waarneming; onze opdrachtgever gaf aan dat hij begon met drie foutcodes

  • P0343 Nokkenas positiesensor signaal te groot
  • P0342 Nokkenas positiesensor signaal te klein
  • P0341 Nokkenas positiesensor buiten instelbereik

maar dat er na het verwisselen van de inlaatnokkenassensor met de uitlaatnokkenassensor de volgende foutcode erbij is gekomen:

  • P0367 Nokkenas positiesensor B (bank 1) signaal te laag

Nadat hij vervolgens de beide sensors weer op de originele positie gemonteerd had bleef de melding P0367 in het foutgeheugen staan en kon deze net als P0341, P0342 en P0343 niet gewist worden.

Vervolg

Het ontbreken van het signaal van de inlaatnokkenassensor is verholpen door het vervangen van de gemonteerde inlaatnokkenassensor. Toch slaat de motor nog steeds niet aan. Het niet aanslaan van de motor is een gevolg van het ontbreken van de aansturing van in ieder geval de bobine.

In deel 2, dat binnenkort verschijnt, achterhalen we de oorzaak van het niet aanslaan van de motor.

Wordt vervolgd!

Nieuwsbrief

Wil je geen berichten meer missen, meldt je dan aan voor onze nieuwsbrief. Dit kan door het invullen van onderstaand formulier.